Sjeik Bashir Jumblatt (1775–1825 n.Chr.) was een van de belangrijkste leiders van de moewahhidoun-druzen in Libanon en bekleedde een aanzienlijke positie in het gehele Midden-Oosten. Sjeik Bashir streed met toewijding en heldenmoed voor de moewahhidoun-druzen, in een periode die gekenmerkt werd door sektarische onlusten en politieke conflicten in heel Libanon, en hij betaalde met zijn leven in zijn strijd tegen zijn tiran-rivaal, emir Bashir Shihab II. Sjeik Bashir Jumblatt wordt in de geschiedenis herinnerd als iemand die streed voor het behoud van de fundamenten van het druzische bestaan en voor het voortbestaan van de gemeenschap in de toekomst.

Biografie van sjeik Bashir

Sjeik Bashir Jumblatt werd geboren in het dorp Baadhran, in het Shouf-gebergte in Libanon. Hij was een zoon van de familie Jumblatt, de middelste zoon van de drie zonen van sjeik Qasim Jumblatt, en een kleinzoon van sjeik Rabah Jumblatt. Hij onderscheidde zich in zijn jeugd en werd de leider van de druzische gemeenschap in Libanonberg, tijdens de feitelijke heerschappij van emir Bashir Shihab II (1767–1850 n.Chr.). Aan het begin van die periode heersten er vriendschappelijke betrekkingen en verstandhouding tussen de twee Bashirs; ze werkten meermalen samen en traden eensgezind op tegen de Ottomaanse gouverneur van het district Sidon, Ahmad Pasha al-Jazzar,
die berucht was als tiran en bloeddorstige heerser. De relatie tussen hen verzwakte echter na de dood van Al-Jazzar in 1804 n.Chr., waarna er felle geschillen tussen de twee Bashirs ontstonden.

De geschillen tussen de twee leiders bereikten hun hoogtepunt tijdens het incident van "Al-Moukhtara" in 1825 n.Chr., toen emir Bashir Shihab een groot leger stuurde, bestaande uit zijn eigen soldaten en duizenden Ottomaanse strijders. Hij bezette de gebieden die onder controle stonden van sjeik Bashir Jumblatt, plunderde de druzische dorpen en nam de bezittingen van de inwoners in beslag. In 1825 n.Chr. werd sjeik Bashir Jumblatt in Akko opgehangen; hij was pas vijftig jaar oud. Notabelen van de moewahhidoun-druzen uit het dorp Yarka, aangevoerd door sjeik Marzouq Saeed Ma'adi, brachten het stoffelijk overschot van sjeik Bashir Jumblatt naar hun dorp, organiseerden een grote begrafenis voor hem en begroeven hem op de noordelijke begraafplaats van het dorp, naast het graf van sjeik Abi al-Saraya Ghanem (r), die een van de vooraanstaande religieuze verkondigers in de regio was.

Chronologie van centrale gebeurtenissen in het leven van sjeik Bashir Jumblatt:

  1. 1775 – Geboorte van sjeik Bashir Jumblatt in het dorp Baadhran.
  2. 1788 – Emir Bashir Shihab II neemt het leiderschap over de regio Libanonberg op zich en wordt een bondgenoot van sjeik Bashir Jumblatt.
  3. 1791–1793 – Sjeik Bashir leidt een opstand tegen de Ottomanen in Libanonberg en weigert de torenhoge belastingen te betalen die werden opgelegd door de Ottomaanse gouverneur van het district Sidon, Ahmad Pasha al-Jazzar.
  4. 1794–1796 – De gouverneur van het district Sidon, Al-Jazzar, arresteert sjeik Bashir Jumblatt en zijn broers en zet hen gevangen in Akko.
  5. 1799 – De Franse legers onder leiding van Napoleon Bonaparte belegeren de stad Akko en proberen haar in te nemen, maar de belegering mislukt.
  6. 1804 – Dood van Ahmad Pasha al-Jazzar en het ontstaan van een ernstig conflict tussen sjeik Bashir Jumblatt en emir Bashir Shihab II.
  7. 1807 – Emir Bashir Shihab II wordt officieel benoemd tot Ottomaanse gouverneur van Libanonberg en legt nieuwe belastingen op die zwaar drukten op de schouders van de moewahhidoun-druzen.
  8. 1811 – Sjeik Bashir Jumblatt vangt 400 druzische gezinnen op en ontfermt zich over hen nadat zij gedwongen waren te vluchten uit Al-Jabal Al-A'la in Syrië als gevolg van vervolging door de lokale Ottomaanse autoriteiten.
  9. 1822 – Emir Bashir Shihab II steunt de gouverneur van Sidon bij een poging tot opstand tegen de Ottomanen om controle over de stad Damascus te verkrijgen, maar de Ottomaanse sultan wint deze strijd en verbant emir Bashir Shihab naar Egypte.
  10. 1825 – De slag bij "Al-Moukhtara": Bashir Shihab en de Ottomanen vallen de bolwerken van sjeik Bashir Jumblatt aan, plunderen de druzische dorpen, roven hun bezittingen en executeren sjeik Bashir op 50-jarige leeftijd.

Sjeik Bashir Jumblatt – zijn persoonlijkheid en prestaties

Sjeik Bashir wijdde het grootste deel van zijn leven aan de strijd voor de druzische gemeenschap in Libanon en voor alle inwoners van Libanon. In de geschiedenis van de gemeenschap wordt hij beschreven als een krachtige leider die over uitzonderlijke leiderschapskwaliteiten en talenten beschikte en voldeed aan alle voorwaarden van leiderschap. Hij was een geharde militaire bevelhebber die de druzische gemeenschap in Libanon leidde in een periode vol gevaren, onder buitenlandse en uiterst vijandige heersers. Er werd ook kritiek op sjeik Bashir geuit door een aantal tegenstanders en rivalen, die beweerden dat hij een deel van de leden van de druzische gemeenschap met harde hand en strengheid behandelde, wat leidde tot interne conflicten tussen druzische families.

1. De leiderschapskwaliteiten van sjeik Bashir

Sjeik Bashir Jumblatt stond zijn hele leven bekend om zijn moed; hij was een sterke en invloedrijke leider die extremisme en gematigdheid, en strijd en verzoening met elkaar wist te verenigen. Dankzij deze eigenschappen slaagde hij erin een groot aantal leden van zijn gemeenschap om zich heen te verzamelen en te verenigen, waardoor hij zijn kracht tegenover zijn vijanden versterkte. Op deze manier leverde hij tevens een belangrijke bijdrage aan het versterken van de deugd van "het beschermen van de broeders" (hifz al-ikhwan). Sjeik Bashir stelde zich ten doel de sterke positie van de druzische gemeenschap te behouden, maar hij slaagde er niet altijd in de eenheid binnen de gemeenschap te bewaren, getuige de vetes en geschillen die herhaaldelijk uitbraken tussen vele druzische families in Libanonberg.

Toen de gouverneur van het district Sidon, Ahmad Pasha al-Jazzar, zware belastingen oplegde aan de bevolking van Libanon, kwamen de sjeiks van de druzische gemeenschap in Libanonberg bijeen om een uitweg uit deze impasse te vinden. Onder hen viel sjeik Bashir Jumblatt op; hij was gedurfd en moedig, en nog jong, en riep uit: "Wij zullen deze maatregelen niet accepteren!". Sjeik Bashir kreeg de steun van alle sjeiks van de druzische gemeenschap, die de jongeren mobiliseerden en hun opstand tegen de gouverneur uitriepen. De druzische strijdkrachten wisten zich te verschansen in Libanonberg en de troepen van Al-Jazzar rake klappen toe te brengen. Na verloop van tijd sloot Al-Jazzar een wapenstilstand met sjeik Bashir en de opstandelingen aan zijn zijde. Deze gebeurtenis verhoogde het aanzien en de waarde van sjeik Bashir onder de inwoners van Libanonberg, en hij kreeg de bijnaam "Zuil van de hemel" vanwege zijn kracht, dapperheid, zijn standvastige geloofsovertuiging en het feit dat hij de dood niet vreesde. Na het overlijden van de Ottomaanse gouverneur Al-Jazzar in 1804 n.Chr. werd de positie van sjeik Bashir verder versterkt en werd hij een van de voornaamste leiders in Libanonberg en het hoofd van de druzische gemeenschap aldaar.

Sjeik Bashir beschikte over een sterk politiek inzicht en intuïtie. Telkens wanneer hij een actieplan opstelde, hield hij rekening met alle overwegingen en mogelijkheden; hij wist wanneer hij een wapenstilstand moest sluiten, wanneer hij aan zijn standpunt moest vasthouden, wanneer hij een strikte houding moest aannemen en wanneer hij er de voorkeur aan gaf neutraal te blijven. Een voorbeeld van deze capaciteiten was het voorval toen de Franse bevelhebber Napoleon Bonaparte in 1799 n.Chr. probeerde het gebied van Libanon te bezetten, dat destijds onder het bewind van het verzwakte en wankelende Ottomaanse Rijk viel. Toen de legers van Napoleon Galilea bereikten, belegerde hij de stad Akko en eiste dat de inwoners van Libanon, onder wie leden van de druzische gemeenschap, zich bij zijn gelederen zouden aansluiten. Sjeik Bashir behield echter met zijn gematigde stijl zijn neutrale positie, voorkwam dat de moewahhidoun-druzen in het conflict werden meegesleept, en slaagde erin het delicate machtsevenwicht in Libanonberg te bewaren, zelfs na de terugtrekking van Napoleon uit de regio.

2. Sjeik Bashir Jumblatt: een leidende druzische tawhid-figuur

Sjeik Bashir geloofde in de noodzaak om de druzische tawhid-leer en de overtuigingen, tradities en gebruiken van de moewahhidoun-druzen te behouden. Om hen een voorname positie als religieuze gemeenschap in Libanon te garanderen, moest hij het tijdens de jaren van zijn leiderschap opnemen tegen buitenlandse mogendheden en vijandige leiders, naast het bezweren van interne twisten binnen de gemeenschap.

Ondanks dit alles, en naast zijn bezigheden met zijn hoge leiderschapspositie en zijn zorg voor politieke, bestuurlijke en burgerlijke aangelegenheden, besloot sjeik Bashir zich te verdiepen in de tawhid-leer en formeel toe te treden tot de gelederen van de geestelijken, waardoor hij in 1814 sjeik werd.

Sjeik Bashir streefde ernaar vrijheid van godsdienst en gebed voor de moewahhidoun-druzen te verwezenlijken onder het Ottomaanse gezag, en hij streed voor hun verankering op hun landerijen in Libanonberg en de omliggende gebieden. Vanwege zijn status kreeg hij de titel "Zuil van de hemel". Deze titel duidt erop dat sjeik Bashir een symbool van trots en eer was voor de moewahhidoun-druzen, en dat hij altijd bereid was te strijden voor de principes en waarden van de gemeenschap.

Het volgende voorval toont sjeik Bashirs toewijding aan en naleving van de deugd van "het beschermen van de broeders": in 1811 verwelkomde hij met open armen en een groot hart meer dan 400 druzische gezinnen die gedwongen waren te vluchten uit Al-Jabal Al-A'la in Aleppo in Syrië en hun toevlucht zochten in Libanonberg. Deze gezinnen hadden te lijden gehad onder de vervolging en het onrecht van de Ottomaanse gouverneur, waardoor hun leven ondraaglijk was geworden. Sjeik Bashir ving hen, met steun van emir Bashir Shihab, op in Libanonberg, bood onderdak en bescherming aan hun leden, vestigde hen vervolgens in het gebied en voldeed aan al hun behoeften.

3. Hulp aan behoeftigen

Al vanaf zijn jeugd stond sjeik Bashir bekend om zijn moraal en waarden; hij geloofde in goed nabuurschap en het helpen van de armen en zwakkeren, in overeenstemming met de leerstellingen van het druzische tawhid-geloof. Gedurende de jaren van zijn leiderschap over de druzische gemeenschap bleef sjeik Bashir erop toezien dat hij zorg droeg voor de eenvoudige mensen en het gewone volk. Hij maakte geen onderscheid tussen landeigenaren, rijke families en de druzische boeren die het land bewerkten, en verleende meermalen bijstand aan armen en behoeftigen die gebukt gingen onder de zware last van belastingen. Zo gaf de welgestelde sjeik Bashir ten tijde van de Ottomaanse gouverneur Al-Jazzar toelagen en donaties aan zijn druzische broeders, en betaalde hij vaak zelf de belastingen voor hen. Met zijn eigen middelen steunde sjeik Bashir emir Bashir Shihab voordat zij rivalen werden, en bood hij diens familie waar nodig financiële steun om de hen opgelegde belastingen te kunnen voldoen.

4. Religieuze tolerantie

Sjeik Bashir Jumblatt bleef de aanhangers van andere religies die te midden van de moewahhidoun-druzen leefden met religieuze tolerantie behandelen, in het bijzonder christenen en moslims. Hij droeg er zorg voor dat de religieuze rituelen van alle gemeenschappen werden gerespecteerd, waardoor iedereen hem met eerbied bejegende. Zo ontving hij bijvoorbeeld een oorkonde van waardering van de paus, de spirituele leider van de christenen het dorp Moukhtara, in het Shouf-gebergte. Van daaruit leidde sjeik Bashir Jumblatt de moewahhidoun-druzen. maronieten en katholieken, in Rome, voor zijn steun aan de leden van de maronitische gemeenschap bij de bouw van kloosters voor hen in Libanon. Sjeik Bashir vertoonde dezelfde houding ten aanzien van de islamitische burgers die zij aan zij met de moewahhidoun-druzen in Libanon leefden. In 1814 hielp hij bijvoorbeeld bij de bouw van een moskee in het dorp Moukhtara, zijn geboorteplaats; bovendien zorgde hij ervoor dat de moslimburgers die in zijn nabijheid woonden in alle vrijheid het vasten tijdens de maand Ramadan konden vervullen. Deze daden getuigen van het respect dat de moewahhidoun-druzen toonden aan islamitische burgers en van de onderlinge band tussen de twee gemeenschappen.

Overgenomen uit Al-Turath Al-Tawhidi